stralingswarmte

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Confectie-warmte

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

HOE WERKEN TEGELKACHELS?

Sinds onze verre voorouders het vuur konden beheersen in ovens van steen zijn de voordelen hiervan in koude landen uitgebreid benut. In landen als Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk, en in heel Oost-Europa zijn tegelkachels al eeuwenlang de meest efficiënte, houtgestookte warmtebron. Met behulp van moderne kennis en techniek is het rendement van tegelkachels de laatste jaren verder verhoogd en zijn ze nog milieu- en gebruiksvriendelijker geworden.

Tegelkachels worden vervaardigd uit steenachtig materiaal. De binnenkant bestaat uit chamotte: een vuurvaste kleisoort die tot stenen is gebakken. Aan de buitenkant hebben tegelkachels tegels of een stuclaag. Deze tegels zijn ook van chamotte en worden speciaal voor tegelkachels gemaakt. Een kleine tegelkachel weegt al gauw 200 kilo en het gewicht van een grote tegelkachel varieert van 750 tot 2000 kilo.

Dat tegelkachels veel beter presteren dan andere kachels komt in de eerste plaats door die stenen massa. Doordat de stenen maar langzaam warmte op kunnen nemen ontstaat er bij het stoken in de stenen vuurhaard een temperatuur van circa 900o C. Bij deze temperatuur verbrandt droog en onbehandeld hout snel en goed. De rook is wit en reukloos en er komen vrijwel geen schadelijke stoffen vrij.

Het hoge rendement van tegelkachels is in de tweede plaats het gevolg van de constructie. De rookgassen die bij de verbranding ontstaan worden door de tegelkachel geleid in een lang stenen rookgaskanaal, het zogenaamde labyrint. Zo kan de warmte in de massa opgenomen worden. Als na velen meters labyrint de rookgassen grotendeels zijn afgekoeld worden ze afgevoerd door de schoorsteen . Deze constructie leidt samen met de hoge verbrandingstemperatuur tot een rendement van wel 80 % of meer. Dit scheelt behalve hout ook tijd, want er hoeft minder vaak gestookt te worden. En omdat de buitenkant van een tegelkachel niet te heet wordt kan er lekker tegen aan worden gestaan en gezeten.

In Nederland zijn de grond-oven en de combi-oven de twee meest gebouwde typen tegelkachels. Hieronder worden kort de verschillen tussen deze types beschreven. Zowel grond-ovens als combi-ovens worden op hout gestookt. Mensen die dit niet willen, maar wel op zoek zijn naar een bron van stralingswarmte kunnen een stralingswand laten maken.

 

 De grond-oven

De grond-oven is de traditionele bouwvorm van tegelkachels. Grond-ovens worden geheel opgemetseld uit vuurvaste stenen. Zoals gezegd zorgt dit voor een zeer hoog rendement. De keerzijde is een trage "reactiesnelheid": de bij de verbranding vrijgekomen warmte is pas na enkele uren voelbaar. Echter, als de kachel eenmaal warm is dan blijft ze dat nog urenlang (4 tot 24 uur) en hoeft er onder normale omstandigheden nog maar twee keer per dag bijgestookt te worden.

De in de stenen opgeslagen energie wordt grotendeels afgegeven in de vorm van stralingswarmte. Deze straling voelt aan als zonnestraling en is erg aangenaam. Bovendien heeft stralingswarmte een goede invloed op het leefklimaat binnenshuis. Er is warmte zonder dat er een koude luchtstroom over de vloer gaat of dat de temperatuur tussen plafond en vloer veel verschilt. Zonder luchtstroom wordt bovendien niet constant stof door de ruimte verplaatst. Samen vormen deze kenmerken van grond-ovens een belangrijk voordeel ten opzichte van andere type kachels en centrale verwarming.

 

De combi-oven

Combi-ovens zijn in staat om grote of meerdere ruimtes te verwarmen. Dit type tegelkachel geeft niet alleen stralingswarmte maar ook warme lucht. De vuurhaard bestaat bij een combi-oven uit een gietijzeren inzet die van binnen bekleed is met stenen. Bovenin de stookruimte bevindt zich een naverbrandingskamer waar gassen die dreigen te ontsnappen alsnog ontstoken worden door toevoeging van extra zuurstof. Door de speciale constructie van de inzet kan de temperatuur hierin oplopen tot 1100o C. Om de inzet wordt van chamotte-steen een ombouw gemetseld. Zo ontstaat een luchtspouw waar doorheen lucht langs de hete inzet kan stromen. Deze warme lucht, zogenaamde convectiewarmte, verlaat de kachel door speciale luchtroosters en kan een ruimte snel verwarmen. De warme lucht stroomt gedurende enige uren na het stoken uit en kan ook naar andere vertrekken geleid worden.

De rookgassen van de combi-oven worden net als bij de grond-oven binnen de kachel door een gemetseld kanaal geleid. Op deze manier vindt er opslag en langzame afgifte van warmte in de vorm van straling plaats. Kortom, bij een combi-oven wordt de trage opwarming van de grond-oven vermeden, terwijl men toch kan genieten van stralingswarmte. Bij de afwerking van een combi-oven kan net als bij een grond-oven gekozen worden uit veel verschillende tegels of een stuclaag.

Bij de bouw van een combi-oven maken wij meestal gebruik van een inzet van firma Brunner (www.brunner.de). Deze Duitse fabrikant levert produkten van zeer hoge kwaliteit en is door continue onderzoek een koploper wat betreft de modernisering van tegelkachels. Met apparatuur van Brunner is het bijvoorbeeld mogelijk om de combi-oven electronisch te besturen: nadat het vuur is ontstoken regelt de electronische besturing de juiste toevoer van zuurstof voor een optimale en schone verbranding. Het is ook mogelijk om met een inzet van Brunner water te verwarmen, eventueel met een koppeling naar een andere verwarmingsbron zoals zonnecollectoren.